Eben-Haëzer…
Johannes 21 vers 3: “Simon Petrus zei tegen hen: Ik ga vissen.”
De feestdagen zijn weer achter de rug en sommigen zijn daar blij mee. Toch geeft het mij ook een wee gevoel, ik ben er altijd een beetje katterig van: weer een heel jaar voor ons: wat hangt er allemaal boven ons hoofd in het nieuwe jaar? Gezondheid? Die nieuwe variant van corona uit Engeland? Ze hebben het altijd over de donkere dagen voor Kerst, maar dan hebben we Advent en leven we toe naar de komst van Jezus! Ik ervaar de donkere dagen ná Kerst: het wordt februari voordat de dagen weer eens wat gaan lengen. Dit lijkt op een koude plons in het diepe terwijl ik de overkant van het zwembad nog niet eens zie.
Een paar jaar geleden ‘hielden we zondag’ op Cap Gris Nez, vlakbij Calais, van zaterdagmiddag tot maandagochtend. Daar zágen we de overkant: de witte krijtrotsen van Engeland. Ik kon mijn ogen er niet van afhouden: ik zag die overkant in alle facetten: blinkend in de zon, grijs van de regen en ’s nachts de lichten. Er had toen een vluchteling geprobeerd naar die overkant te zwemmen. Zijn stoffelijk overschot is op een Waddeneiland aangespoeld. Als je minstens honderd meter hoog op Cap Gris Nez staat kun je begrijpen dat je denkt: ik zwem dat stukje wel even. Je hebt er geen erg in dat het daar 32 kilometer breed is. En dan ga je: plons in het koude water. Zonder de overkant te zien, want die zie je vanaf het strand niet!
Simon Petrus was ook in een zwart gat gevallen: Jezus was gekruisigd en begraven, het was uit met de pret, een luchtballon leek doorgeprikt. Ze gingen vissen, wat moesten ze anders? Over tot de orde van de dag: verstand op nul, blik op oneindig en gaan! Toen stond die vreemde Man op de oever en riep: “Gooi het net aan de andere kant uit, doe het eens anders dan je gewend bent.” Dat leek tegenstrijdig: niet aan bakboordzijde vissen, zoals gebruikelijk, maar aan stuurboord, waar de stuurriem in de weg zat. Daarna gebeurde het wonder: ze vingen hun net barstensvol vis en ontdekten: “Het is de HEERE!”
We kunnen van dit Bijbelverhaal leren: wij moeten niet overgaan tot de orde van de dag, we moeten aan de andere kant gaan vissen en dat lijkt tegenstrijdig: radicaal het roer om! Niet plons op goed geluk in het koude diepe, maar naar die Man op de oever luisteren, Hij roept!
Psalm 13 vers 6: “Ik echter vertrouw op Uw goedertierenheid, mijn hart zal zich verheugen in Uw heil, ik zal voor de HEERE zingen, omdat Hij goed voor mij geweest is.”
De laatste zin is nog een beetje oud en nieuw: kijk eens even achterom: Eben-Haëzer, dat betekent: ‘tot hiertoe heeft de Heere ons geholpen’, lees maar na in 1 Samuel 7 vers 12. Hieruit mogen we de conclusie trekken: God is goed voor ons geweest en daarom zal Hij ons verder helpen: Hij laat nooit los wat Zijn hand begon! Had ik het laatst niet over Abraham? Hij geloofde vast: God zal erin voorzien. Ook in dat lange nieuwe jaar dat voor ons ligt, met alle onzekerheden die we ons indenken.
In Romeinen 5 vers 5 lees ik: “En de hoop beschaamt niet, omdat de liefde van God in onze harten uitgestort is door de Heilige Geest, Die ons gegeven is” Wij mogen hopen en vertrouwen, geholpen door de Heilige Geest.
Hopen en vertrouwen,
op die Man aan de oever:
Hij roept: “Gooi je roer om!”
Zijn kolenvuur brandt,
Hij geeft ons brood en vis te eten,
als je komt…