Geest-drift

Wonderen…

Psalm 9 vers 2 en 3: “Ik zal de HEERE loven met heel mijn hart,

ik zal al Uw wonderen vertellen. In U zal ik mij verblijden en van vreugde opspringen,

ik zal voor Uw Naam psalmen zingen, o Allerhoogste!”
Er hangt een foto van 30 x 45 cm van onze twee kinderen in de hal. Ik schat dat ze negen en zes waren, dus die foto zou al ruim 30 jaar oud zijn. Kinderen veranderen snel op die leeftijd en om iets recents aan de muur te hebben, maakten we elk jaar in de vakantie een nieuwe foto van onze telgen om in een lijst op te hangen.
Op díe keer, in de vakantie dus, vond Sophie dat het maar eens moest gebeuren: een mooie nieuwe foto van de kinderen maken voor aan de schoorsteen. Maar kinderen werken niet altijd mee, juist toen niet: ze hadden er géén zin in. Maar dan ken je Sophie nog niet, als zij iets in haar hoofd heeft, zit het niet in haar… Ze kan dan best nukkig zijn en haar zin doordrijven. Dus: “Hup, vooruit: jullie daar staan, en lachen!”
Ik had het al bekeken: “Hou er maar mee op, dat wordt natuurlijk niks!” Maar daar kwam ik niet mee weg: er móest en zóu een foto gemaakt worden, hóe dan ook! Dus: “Oké, ik maak er wel een, die wordt vast prachtig, hoor! Nog eentje? O, prima, hoor!” Klik, klik…
En nu komt het wonder: het werd de mooiste foto die ik ooit van hen gemaakt heb en die hangt dus al meer dan dertig jaar op een prominente plaats! Ze staan voor elkaar, Annemarie, de jongste vooraan, haar koppie een beetje scheef. Minnie Mouse op haar T-shirt loert nét over de rand van de foto, én: beiden met een gulle glimlach. Had ik die compositie bewust gearrangeerd? Nee dus, totaal niet, ik knipte maar wat, want het zou toch niets worden!
Een wonder? Ja! Bemoeit God zich met zulke futiliteiten? Ik denk van wel! Misschien heeft God ons gekibbel aangezien en gedacht: och, ze zijn op vakantie, laat Ik ze eens verrassen. Een onbeduidend kleinigheidje? Nee dus! God liet ons voor lange tijd weten hoe gezegend we met elkaar waren en God had daar plezier in! Nu kijk ik nog steeds met genoegen naar die foto: wat hadden we leuke kampeervakanties, wat hadden we het goed met elkaar!
Ik kijk er ook met weemoed naar: er is intussen veel gebeurd en veel veranderd. Zoals je weet hebben we onze bloedeigen zoon al ruim drie jaar niet meer gezien en dat doet zeer. Je hoort wel zeggen: “Het ergste wat je kan overkomen is je eigen kind verliezen…” Aan de dood of aan het leven? Och, zou dat veel uitmaken?
Maar toch: God heeft ons die mooie jaren met elkaar gegeven, en die neemt niemand van ons af! Daar zal ik altijd dankbaar voor blijven, ondanks…
We hebben veel te klagen, veel te dragen, toch? Eigenlijk: eigen schuld, dikke bult: de zonde. We hebben het zelf verprutst. En tóch heeft God nog steeds het beste met ons voor.
Ondanks onze tegenslagen hebben we nog steeds véél om voor te danken!
Zo’n zestig jaar geleden had mijn moeder een pick-up op batterijen. Nee, geen elektrisch 4x4 aangedreven monster, maar een platenspeler. Je weet toch wel wat ‘een plaatje’ is?
Haar eerste plaatje was een dameskoor met:

“Tel uw zegeningen, tel ze één voor één.
Tel ze allen en vergeet er geen.”

Die prachtige foto van onze twee kinderen:
een wonder Gods, een knipoog van God!
Ik zal de HEERE loven met heel mijn hart!
Ondanks… au!