Geest-drift

Zingen…

 

Psalm 13 vers 6: “Ik zal den Heere zingen omdat Hij mij welgedaan heeft.”
Zondagochtend mochten we voor het eerst sinds maanden weer naar de kerk! Een goed weerzien waar we dankbaar voor waren. We mochten die eerste dienst met onze oud-wijkpredikant beleven. Een feestelijke dienst, maar toch…
Het aanvangslied werd door de beamer vertoond met een stukje ‘Nederland zingt’. Ik zag het iets anders: Nederland zingt niet! We zagen en hoorden Psalm 84: “Hoe lieflijk, hoe vol heilgenot, O Heer der legerscharen God, zijn mij Uw huis en tempelgangen.” Niet letterlijk, hier kwam het op neer, ze zongen een andere tekst, wel over deze Psalm. Ik heb bewust voor de oude berijming gekozen, die ken ik nog uit mijn hoofd en zegt het zo treffend: eindelijk weer in de kerk! Heb je een oude berijming? Lees het na! Ik voelde precies aan wat er gezongen werd, begreep wat de dominee bedoelde toen hij dit in de liturgie inpaste. Ik had het met hart en ziel mee kunnen zingen: “Hoera, voor het eerst weer in Uw huis, U lof en eer toezingen, uit dankbaarheid!”
Maar ik had er geen deel aan. Mijn feestvreugde werd in de kiem gesmoord, want ik mocht niet meezingen: hartverscheurend! Bovendien miste ik veel bekenden om me heen omdat we maar met honderd waren. Het geheel viel als een schaduw over ‘mijn’ kerkdienst. Hoe vaak overkomt het ons: we beseffen pas hoe waardevol iets is als we het moeten missen…
De Bijbeltekst bovenaan uit Psalm 13 staat voorin mijn liedboek. Dat heeft mijn moeder erin geschreven op 5 oktober 1986. Nou ja, iets later, want ze moest er nog even over nadenken. Het was dus niet zomaar uit de lucht gegrepen. Ze wilde iets meegeven waar ik wat aan had en dat is haar gelukt: 35 jaar na dato denk ik er nog aan en het is niet de eerste keer dat ik erover schrijf. Ze moest er nog even over nadenken… Zou God het haar ingegeven hebben? Zij wist niets van het coronavirus en gesloten kerken. Daar hadden wij een half jaar geleden zelfs nog nooit van gehoord! Ik besef maar weer eens hoe kostbaar gezondheid is en dat het niet vanzelfsprekend is dat we naar de kerk kunnen.
Ben ik nu ondankbaar omdat ik niet in dankbaarheid van de kerkdienst kon genieten? Ik denk het niet. Ik leerde hoe broos ons aards geluk is en dat we moeten beseffen hoeveel zegeningen we achteloos uit Gods goede hand aannemen en onnadenkend consumeren.
Na de slotzang bracht dominee Reijm de groeten over van zijn vrouw en kinderen. Hij schoot daarbij even vol. Tja, ze hebben hier zeven jaar gewoond, geleefd en veel gedeeld.
Hij moest even diep zuchten voordat hij de zegen uit kon spreken. Uit kon spreken? Nee, mee mocht geven. Uit Gods naam! Ja, die ene zegen die ik het mooiste vind:
“De Heere zegene u en Hij behoede U,
de Heere doe Zijn aangezicht over u lichten zij u genadig,
De Heere verheffe Zijn aangezicht over u en geve u vrede.”

Was ik ondankbaar? 
Toch wel, ik heb zoveel om voor te danken!
Ik had een gezegende dienst.
Ik ben een gezegend mens!